Het inzetten van robots voor de medische wetenschap is geen nieuws. Chirurgen kunnen bijna niet meer zonder, om maar een beroepsgroep te noemen die altijd sterke interesse heeft in techniek. Discussies over het breder inzetten van robots in het domein van zorg kennen allerlei dimensies: ethische, praktische en financiële, om er maar een paar te noemen. Een studie in het Sinai Hospital ziekenhuis te Baltimore gaat in op het inzetten van robots aan het bed. De studie toont aan dat patiënten die in de periode na een maag-operatie aanvullend op het face-to-face contact met een arts, ook via een robot contact met een arts hebben sneller naar huis gaan. Het scheelt een hele dag vergeleken met de groep die geen robot zag (1.26 dag met en 2.33 dag zonder de robot).
Discussies over het introduceren van dit soort moderne technieken worden aanzienlijk verscherpt vanaf het moment dat aangetoond wordt dat er ‘geld mee te besparen is’. Volgens de onderzoeker is deze ene dag minder ziekenhuisopname in ieder geval een voordeel voor zowel ziekenhuis als patiënt. Dat laatste valt natuurlijk nog te bezien, onder andere omdat in het onderzoek niet gemeten is of de patiënt zelf ook tevredener is (of – nog interessanter in termen van outcome – zelfs optimaler herstelt door inzet van een robot!). Ook is het interessant om te ontdekken hoe de bed-robot het contact tussen arts en patiënt verandert. Dat alles is niet onderzocht en zou een mooie vervolgstudie zijn.
Wereldwijd zijn op dit moment zo’n 100 bed-robots in 60 ziekenhuizen actief. Ik denk dat dit aantal snel gaat groeien. Het gaat nog om tamelijk eenvoudige technologie. Het is bijvoorbeeld niet de robot zelf die via artificiële intelligentie beslissingen neemt (zonder tussenkomst van een arts), maar het gaat vooralsnog alleen om een arts die op afstand zijn werk doet en zelf alle beslissingen blijft nemen. Een soort camera-arts-op-wieltjes dus. Wel nuttig natuurlijk, al was het maar uit het oogpunt van inzetbaarheid van artsen (remote medicine). Maar het wordt pas echt boeiend als een robot zelf (als computer) de interactie mee gaan beïnvloeden en zelfs in discussie gaat met de real-life-doctor.
Fascinerend blijft het tenslotte te zien hoe robots een vorm van ‘antropomorfisering’ ondergaan. Ze krijgen een roepnaam (Dr. Rudy, Dr. Zeus et cetera), ze krijgen bij voorkeur afmetingen van mensen (p1.80 meter hoog met een ‘hoofd’) en ze worden bij voorkeur op de promotie-foto’s geportretteerd met een (liefst lachende) hulpverlener ernaast. Wel zo menselijk.
Vergelijk de volgende twee foto’s en stel zelf vast in welke robot u het meeste vertrouwen heeft:
